Orizuru
Het vouwen van de Origami-kraanvogel, van A tot Z.
Vouwmethode

- Leg het vouwvel neer, met de zijde van de opdruk zichtbaar.
- Vouw het vel diagonaal door de vleugeltippen tegen elkaar te drukken.
- De vouw loopt van de snavel tot de staart.
- Zorg ervoor dat de vouw bij de snavel precies de punt raakt.
- Wrijf met een nagel langs de vouw om deze scherp en recht te maken.
- Vouw het vel weer open.

- Draai het vouwvel om.
- Vouw het vel verticaal in twee rechte helften.
- Vouw het vel weer open.

- Vouw het vel horizontaal in twee rechte helften.
- Vouw het vel weer open.
- Draai het vouwvel om.

- Pak het vouwvel met twee handen.
- Duw de punten met de snavel en de staart naar binnen.
- Het gevouwen resultaat is een kwart van het vouwvel.

- Leg het gevouwen vel neer, met de vleugeltip naar je toe.

- Vouw de zijkanten naar elkaar toe, tegen de middellijn.
- De papierranden raken elkaar net niet (laat er een papierdikte tussen).
- Maak de vouwen scherp met je nagel.

- Vouw de zijkanten weer terug.

- Vouw de bovenkant naar beneden, maak de vouw scherp.
- Vouw de bovenkant weer terug.

- Pak de vleugeltip aan de onderkant, en klap deze punt naar boven toe open.
- Duw onderwijl de zijkanten in om deze vouw makkelijker te maken.

- Vouw de zijkanten naar de middenlijn toe.

- Onderin het midden, tussen de paarse vlakken, mag een randje worden opengelaten.
- Dit voorkomt dat het papier bij de snavel en de staart wordt opgepropt in de vouw.

- Draai het vouwmodel om.
- De andere vleugel ligt met de punt naar je toe.

- Vouw de zijkanten naar elkaar toe, tegen de middenlijn, en weer terug.

- Pak ook deze vleugeltip aan de onderkant, en vouw de punt naar boven toe open.
- Duw onderwijl de zijkanten in, net zoals bij de andere vleugel.

- Vouw ook bij deze vleugel de zijkanten naar de middenlijn toe.

- Vouw de zijkanten een tweede keer om, tegen de middenlijn.

- De paarse vlakken komen aan de binnenkant.


- Vouw ook hier de zijkanten een tweede keer om, naar de middenlijn.
- Nu zitten alle paarse vlakken aan de binnenkant.

- Vouw de punten van de snavel en de staart schuin naar boven, evenwijdig aan de zijkant.
- Vouw de punten weer terug.

- Vouw de punt van de staart omgekeerd naar binnen, tussen de vleugels in.

- Vouw de punt van de snavel ook buitenstebinnen, tussen de vleugels in.

- Leg je wijsvinger op het hoofdje en vouw de snavel buitenstebinnen.
- Schik de vouw zo dat de oogjes onder de vouwrand tevoorschijn komen.

- Vouw de vleugeltip naar beneden.

- Draai het vouwmodel om.
- Vouw de andere vleugeltip ook naar beneden.

- Strek de vleugels uit naar opzij.
- Trek een beetje aan de vleugels om het lijfje van de vogel vorm te geven.